StartpaginaStichting Ragamala-Nada-Yoga-Groningen, ontstaan, bestuursleden, vrijwilligersOver de stichting, netwerk, festivals, klassiek Indiase muziekConcertagenda Noord NederlandVrienden van RagamalaTheorie van de muziek en instrumentenEerdere concerten met foto's en infoLocatie/route, telefoonnummer, anmelding, huisregelse-mail, telefoon, namen

 

 

 

 

 


(Nederlandse vertaling volgt)

Abhisek Lahiri en Parthasarathi Mukherjee, Sarod/Tabla + Hideaki Tsuji  (gitaar en Japanse shamisen)

Dharambir Singh en Indranil Mallick

Indradeep Ghosh en Arup Sen Gupta
 

Bahauddin Dagar / Marianne Svasek en Nathanael van Zuilen

Sudhashil Chatterjee en Indranil Mallick

Sugato Bhaduri/Om Prakash Pandey mandoline/tabla

  

Sandip Chatterjee/Siddharth Kishna/Shabbir Hussain santoor/sitar/tabla
 

Reena Srivastava/Kousic Sen sitar/tabla


Supriya Nagarajan/Kumar Ragunathan/ Tiruvarur Venkatesh zang/viool/mridangam


Ronu Majumdar/Indranil Mallick bamboefluit/tabla

 

Sugato Bhaduri en Omprakash Pandey Indian mandolin/ tabla (huisconcert)

Zaterdagavond 26 oktober; een impressie van het concert van Abhisek Lahiri en Parthasarathi Mukherjee, Sarod/Tabla. Na de pauze hebben ze samen met Hideaki Tsuji  (gitaar en Japanse shamisen) gespeeld als Iônah Trio.












18 juni 2011: Dharambir Singh en Indranil Mallick op sitar / tabla



 

Dharambir Singh ken ik ook niet direkt, maar ik heb veels goeds over hem gehoord, met name van Prattyush Banerjee.
Het schijnt dat hij een zeer goede leraar is. Prattyush Banerjee [sarod] vertelde me over Roopa Panesar, een leerling van Dharambir Singh, die indruk op hem maakte [het is niet gemakkelijk om op Prattyush indruk te maken].

 


14 mei 2011: Indradeep Ghosh en Arup Sen Gupta op viool/tabla



 

Een persoonlijke impressie van het concert op 14 mei 2011.
 
Voor iemand die, zoals ik, nog nooit met Indiase klassieke muziek in aanraking is geweest, valt er al van alles te beleven, voordat er nog maar een noot geklonken heeft.
Om te beginnen zitten de musici (in dit geval de violist Indradeep Ghosh en de tablaspeler Arup Sen Gupta) op een klein podium in kleermakerszit. De viool wordt schuin naar beneden gehouden,
waarbij de krul van het instrument rust op de voet! Een mooie, ontspannen houding. Dan de viool zelf. Die heeft vijf snaren i.p.v. vier, maar daarbij lopen onder de toets
nog een flink aantal zgn. resonanssnaren. Hierdoor komt er een geheel nieuwe klank tevoorschijn. Om al deze snaren te kunnen stemmen, zit er een hele batterij
fijnstemmers, kleine, glimmende metalen knopjes bovenop de viool.
Maar nu het concert zelf. Allereerst vond ik het een geweldige ervaring om deze muziek te beluisteren. Het waren uitstekende muzikanten, zodat ik alle gelegenheid had
om echt van de muziek te genieten, niet dat ik het allemaal begreep. Soms was het al begonnen, voordat ik het wist en het einde kon heel abrupt zijn. Maar het was
prachtig. Na de pauze werden nog twee kortere stukken gespeeld, die vond ik het mooist. Vooral het laatste stuk had zo'n pure, melodische kracht, dat het me veel te kort duurde!

Ik hoop in de toekomst nog veel van deze concerten te kunnen bezoeken!
 
Frieda te Boekhorst.


 


12 maart 2011: Bahauddin Dagar / Marianne Svasek en Nathanael van Zuilen op rudravina/zang/pakhawaj

 

"Drie mensen hebben mij op dit concert geattendeerd. Toen ik las dat het in een schoolgebouw was, was mijn eerste reactie "mwah, zou wel weinig sfeer hebben". Dat vooroordeel heb ik bij moeten schaven. Toen ik de website bekeek en wat foto's zag dacht ik "dat ziet er toch wel gezellig uit". En ja, driemaals is scheepsrecht en toen vond ik dat ik toch maar moest gaan. Daar heb ik geen spijt van gehad. Ik heb heel erg genoten van de sfeer, uiteraard ook van de heerlijk muziek, die me weer naar India, mijn tweede thuisland, deed brengen. In de pauze stond ons een culinaire verrassing te wachten, is het leuk om de standjes, die betrekking hebben op India, te bekijken of een gezellig babbeltje te hebben met ander India liefhebbers. Dat heeft net even dat extra sfeer en gezelligheid om het compleet te maken. Ik heb een hele leuke avond gehad en hoop dat ik de volgende concerten bij kan gaan wonen. Verder kan ik iedereen aanraden om niet naar een vooroordeel te luisteren en het maar gewoon te laten ondergaan en meemaken. Wie weet, verrast het u net als mij!"




25 september 2010:  Sudhashil Chatterjee en Indranil Mallick op santoor en tabla [Noord India]

Voor mij was het de eerste keer bij een santoorconcert (en de eerste keer bij een Indiaas concert in Nederland). Ik heb er met volle teugen van genoten. De santoormuziek was betoverend mooi, evenals het spel van de tablaspeler. Wat waren de beide spelers goed op elkaar ingespeeld. Ook de toelichting van beide musici na het concert was bijzonder om mee te maken. De antwoorden waren geen standaard verhalen, er werd met aandacht en detail geantwoord op de gestelde vragen. In eigen land kan ik me voorstellen dat het geziene muzikanten zijn. De locatie 'De Jonge Held' zorgt voor een ongedwongen en open sfeer, waar binnen de muzikanten zeer goed benaderbaar zijn. Ik kom zeker weer!

Toon de Rond















 


concert 17 mei 2009: Sugato Bhaduri/Om Prakash Pandey mandoline/tabla

Sugato Bhaduri

Al op heel jonge leeftijd bleek dat Sugato een natuurlijk muzikaal instinct had en werd hij ingewijd in de Indiase klassieke muziek. Hij begon zanglessen te volgen bij zijn oom en al gauw trad hij op als (kind) artiest voor All India Radio.

Tijdens zijn studietijd stapte hij over op het westerse instrument de Mandoline en na zijn afstuderen wijde hij zich geheel aan de Hindoestaanse Klassieke Muziek. Hij studeert nu al zestien jaar onder de supervisie van de bekende Sarodspeler Pandit Tejendra Narayan Majumber. Hij heeft ook de eer gehad te mogen deelnemen aan een workshop gegeven door Ustad Ali Akbar Khan, een legendarische persoonlijkheid uit de Indiase Klassieke Muziek.

Als jonge fakkeldrager van de Maihar-Seni Gharana is Sugato vereerd met de prestigieuze Titel Surmani door Sur-Singar (Bombay).

Het opvallende karakter van zijn muziek spreekt van een zeldzaam vermogen tot het doen samen smelten van de Gayaki-ang met Trantakari op een grootse esthetische wijze. Zijn bont geschakeerde en kristalheldere ektara taans en complexe ritmiek zijn zeer opmerkelijk.

Diepgaande emotie, grote intellectuele benadering en uitmuntende techniek zijn de basiscomponenten van zijn muziek.

De diepe resonerende toon van zijn instrument roept als het ware de klanken op van de Vina, Rabab, Sarod en de Sitar dit fenomeen helpt de muziek van Sugato de vroegste bronnen van de Hindoestaanse muziek met een een nieuw geluid tot leven te wekken.

De laatste jaren reist Sugato Bhaduri veel door Europa en gaf vele prestigieuze concerten in landen als: Duitsland, Italië, Denemarken, Nederland, Oostenrijk en Zwitserland.

In India speelde en speelt Sugato op de belangrijkste muziekfestivals, zoals: Rose Festival, Kameshwari Festival, Kalidas Samora, Hampi Festival, dit zijn slechts enkelen uit een lange rij.

________________________________


Huisconcert dinsdag 23 mei, 2010: Sugato Bhaduri en Omprakash Pandey Indian mandolin/ tabla

 

Impressie van een huisconcert

 

Op 25 mei heb ik een huisconcert van Sugato Bhaduri (Indiase mandoline) en Omkrapash Pandey (tabla) bijgewoond. Het was een unieke ervaring. Ik ben absoluut geen kenner: ik heb twee cd’s van Hariprasad Chaurasia en  het was pas de derde keer dat ik, fervent liefhebber van westerse klassieke muziek, een concert met Indiase muziek bezocht. Opmerkelijk hoe anders de beleving is. Eerst dacht ik nog even: wordt het vanavond niet erg laat, maar al snel lieten dergelijke gedachten me helemaal los. Van begin af aan leken de onversterkte klanken van de mandoline ongehinderd, rechtstreeks binnen te komen bij alle aanwezigen, gezeten op de vloer van een de mooi aangeklede zolderetage. De muziek is bedwelmend en tegelijkertijd heel intens door de manier waarop er langs lange lijnen een enorme spanning wordt opgebouwd. De raga voor de pauze duurde anderhalf uur, maar als luisteraar lijkt je besef van tijd en plaats helemaal te veranderen. Het was muziek om je ogen een tijdje bij te sluiten, om ze vervolgens weer te openen, want het gadeslaan van twee supergeconcentreerde en toegewijde rasmusici die vlak voor je zitten is een schouwspel dat ook weer het nodige toevoegt aan de muzikale beleving. Na de pauze mengde de zangstem zich prachtig met de mandoline en de tabla, terwijl het buiten langzaam donker werd. Ik kreeg een gevoel alsof grenzen wegvielen (ook tussen musici en toehoorders) en alles samensmolt. Het had eigenlijk nog wel de hele nacht door kunnen gaan. (Nou ja, dan was ik echt laat thuisgekomen.) De hartelijke en milde sfeer na afloop was weldadig.


_______________________________
 

Om Prakash Pandey

Om Prakash Pandey (Pankaj genoemd) is dichtbij Varanasi in 1975 geboren. In Varanasi werd hij door Susri Alka Mirchandani geinspireerd de Tabla te bespelen en sindsdien werd de Tabla een deel van zijn leven. Toen hij achttien was begon hij de Tabla te studeren bij Pandit Somyokanti Mukherjee. Hij vervolgde zijn studie in de essentie van dit instrument onder de leiding van de grote Meester Pandit Chhote Lal Misra van de Varanasi Gharana. Pankaj gelooft in eenvoud, devotioneel temperament en in spiritualiteit die hij door middel van zijn muziek deelt met zijn publiek en zo de ziel van de muziek tot uitdrukking brengt.

Hij behaalde zijn Meestergraad in 2002 aan de BHU Varanasi. Momenteel woont hij in Duitsland waar hij een brug slaat tussen verschillende culturen. Hij begeleidde vele beroemde Indiase musici en nu dus Meester Mandolinespeler Sugato Bhaduri.


_____________________________




 

Report of the Indian Show in ‘Jonge Held’ , Groningen

Saturday: 05-09-‘09

 

Musicians: Sandeep Chatterjee, santoor

Siddharth Kishna, sitar

Shabbir Hussain, tabla.

 

 

Organiser: Sir Klaas Bouma.

 

Assen, 15-10-‘09

 

On Saturday 5 September 2009 there was an indian concert in Groningen, which was well organised by Mr. Klaas Bouma from the Jonge Held.

 

Al the three musicians were from India. Despite a small room there were about 70 spectators. It was a fantastic show full of Indian culture. The musicians brought a repertoire, which touched the people's heart. The audience was very enthusiastic about the arts of the Indian musicians and their culture. Especially the music piece, which was dedicated to the terrible earthquake Tsunami, touched many people’s heart deeply.

 

Music is a language that can be communicated and between everything that exists and made contact with the gods or higher. In any case, music is something "higher and greater than ourselves" and we note that we lose ourselves in music. We can 'caught, spellbound, absorbed in music because we recognize something of our origins ". Music has magical, magical moments, or at least magisterial sound. In the Indian culture music means only one thing: The goddess Saraswati Devi.

 

Saraswatie, goddess of knowledge and the arts, embodies the wisdom of Devi. Saraswati is the river of consciousness that enlivens creation. Saraswati is the dawn-goddess whose rays dispel the darkness of ignorance. Without Saraswati there is only chaos and confusion. To realize her one must go beyond the pleasures of the senses and rejoice in the serenity of the spirit.

 

In general I must say, and together with me the audience, that it was a very fantastic and impressive show. The musicians received a standing ovation for their performance. In summary: a very good show, well organized in a good accommodation, good atmosphere and a happy audience at the end. Everyone went home with an exalted feeling. Thanks to the organiser and his organisation: Klaas Bouma.

 

Anil.
 


_______________________



 

 Zondag 1 november, 2009, Reena Srivastava/Kousic Sen sitar/tabla
 



Plezier
 
Bij het aankomen op Leegeweg 4a ervoer ik weer wat voor een bijzonder plekje dit eigenlijk is; zo aan de rand van de stad, grenzend aan weilanden terwijl de westenwind de geuren van het land aanvoerde. Even weg van de drukte. Nog meer bijzonder was dat juist hier vanmiddag een beroemde sitariste uit Calcutta zou optreden (zij ook even weg van de drukte).
 
Reena Shrivastava deed hier een concert samen met tabla-speler Kousic Sen (uit Leeds) op het podium van Ragemala-Nada-Yoga. (ze was eerder die week in oa. Brussel, Aachen en Amsterdam geweest). Een concert zonder geluidsversterking [!], iets wat zelden voorkomt.
Zij opende met raga Patdeep, een raga voor de middag. Wat meteen opviel was dat het geluid van haar sitar zo mooi de zaal vulde en direct en helder klonk. De Alap die ze speelde, het langzame deel zonder ritme, werd prachtig opgebouwd, met mooie versieringen, de klank van de sitar rustig en zuiver. Daarna volgde een deel wat Jor heet en waarin een ritme puls word ingebracht. Al die tijd zat de tabla-speler rustig te wachten en, net als het publiek, te genieten. Hij kwam in actie tijdens het deel dat Gat heet en wat bestaat
uit composities en improvisaties. Ook hij viel op door zijn relaxte en zelfverzekerde spel zonder overbodig uiterlijk vertoon. Beiden hadden zichtbaar plezier in het gebeuren maar Reena in het bijzonder als ze een Tihai (een 3 maal herhaalde melodie die op de eerste tel van de ritmecyclus moet eindigen), zat te bedenken.
 
Na de pauze begon het te regenen en ze kondigde, met een verwijzing daarnaar, raga Desh aan, een raga voor het regenseizoen. In deze raga zou ze ook andere raga`s mengen; een "ragamala" dus. Na een korte Alap speelden beide musici de sterren van de hemel en veroorzaakten momenten van puur plezier, vooral ook wanneer plotseling van raga werd gewisseld.
 
Reena en Kousic speelden, helder en transparant, zuiver volgens de indiase muziektraditie, op een wel heel mooie manier. Topmusici!, met een perfecte interactie; een concert om nooit te vergeten.
 
Ook een compliment voor Klaas en Tjeerd en alle anderen die dit podium mogelijk maken.
 
Op weg naar huis voelde de regen wat minder zwaar aan.
 
B. R.


______________________________


 

An Honourable Presentation / Concert of Supriya Nagarajan [27-02-2010]

If the quest of a musician is to communicate her recital in soft idiom, Supriya Nagarajan, singing for raga mala nada yoga in Groningen succeeded admirably. The strong point of her music was lucid expression facilitated by a smooth flowing voice. She sought to impart solidity to her technique by subtlety, suggestiveness and refinement at every possible turn. Her musical imagery added glowing tints to the raga alapanas of Sriranjani, Abheri, Lathangi and Thodi. Her meditative approach lent sparkle to her expository skill on the krithis and Kalpanaswaras. With exemplary devotion to traditional guidelines Supriya structured her concert well. Exhibiting an assiduously developed vidwat and creative instincts her recital exposed the merit and status of a competent carnatic musician. 

Supriya began the concert with a reposeful varnam in raag Saranga. The Thyagaraja krithi Sri ganapathini in raag Sowrashtram followed in great gusto. Supriya revealed a touch of scholarship when she sang a short alapana in Sriranjani for the krithi Matha innum vatha (composition of Papanasam Sivan). The spell of swaras suffixed by the artiste to this piece formed an enjoyable reflection of the raga's gracefulness. The essay of Muruga muruga in raag Saveri (composition of Periyasaami Tooran) was deeply layered in its design of bhakti. This was followed by a short exposition of the raag Abheri. Supriya’s expression sustained the uniqueness of the contours of Abheri to measurable lengths. Softening her lines gently in unison with sruthi and concentrating on the aspect of raga bhava, she essayed the piece, Bhajare manasa (composition of Mysore Vasudevahchariar) with an appreciation of its significance as a melting model, representing the glory of Lord Rama as the hero of the ‘Raghu’ dynasty. A sprightly set of swaras followed. The evening heightened its ambience to a pleasing and dainty elaboration of raag Lathangi. There was a sedate dignity brought about by intelligent tonal modulations. The krithi Venkata Ramana (composed by Papanasam Sivan) with a subjective but small neraval had a meditative effect and kalpanaswaras adding glitter to its completion. The concert tempo took a break with a short interval, and post interval Supriya aimed to elevate the evening through her elaboration of the majestic raag Todi, her rendition commendably respectful. Derived of the 8th hanumatODi mEla, and characterised by the arohana, S R1 G2 M1 P D1 N2 S and avarohana S N2 D1 P M1 G2 R1 S, the raga Todi represents the quintessence of a profound carnatic music recital and is an extremely difficult raga to conquer without years of assiduous sadhaka (practice). Sky is the limit for Todi and a vintage rasika would invariably recall Nadaswara Chakravarti Rajaratnam Pillai's records consisting of this sole raga and the kriti `Aragimpave', Thyagaraja's caressing kriti. It is hardly possible for anyone not to be influenced by that unique rendering. While Supriya succesfully touched upon the characteristic sancharas of the raga, the lack of sustained sadhaka was evident as well, in her manodharma trying to enunciate the complex brighas, twists and turns of Todi. The krithi she chose to exponentiate was the majestic Emi jesithe of Thyagaraja, a revered elaboration of the need for bhakti and surrender to the supreme for one’s own salvation. Thayagaraja questions the self, through his krithi, what difference does it make if one becomes a slave to desire and delusion, without knowing the bond of Sri Rama the supreme, whatever they may do in this abject world? Supriya’s inclusion of a short thanam exercise during the scope of the Todi exposition was an intelligent design. Supriya completed the concert with a poetical expression (Raam bhi tu rahim bi tu). Other concluding pieces included Kanda naal mudhalai in raag madhuvanthi and a bhajan Gurukripachana in raag yamun kalyani. Kumar Raghunathan’s support on the violin was dignified and unobtrusive. He had a wide-field vision of the ragas and the main feature of his alapana pattern was the curvatures in the lower octave. He rendered Sriranjani, Abheri, Lathangi and Todi with coherent insight into their individual aesthetics, while his moorchana swara construction in Todi requires further learning. Thought not a regular concert artiste, Kumar exudes innate manodharma and talent capable of blossomimg into a leading carnatic violinist provided, he assigns to regular sadhaka to the art. In Tiruvarur Venkatesh’s  mridangam play there was magnetic manodharma and his support shone with manifold beauties. Be it adi or rupakam tala or a touchstone fusion, he resonated the quality of his art in a happy blending of vigour and gentleness. Being a student of the doyen of mrudangam artistry (Sri Umayalpuram Sivaraman), Venkatesh’s veneration of his guru during his elated thani avarthanam weaved magic on the audience.  

And finally lest not I say a word for Klaas Bouma and his spirited team in organising this concert, the heavens above would be less forgiving. “raga yoga nada mala”, an organisation in the remote town of Groningen in northern Netherlands stands testimony to a fervent desire of Klaas to promote, indulge and submit to the grandeur of Indian classical music. The concert hall and the stage exuded the reposefulness of an invocation beautifully decorated in Indian ethos. As I watched one of the volunteers float a candle in a water shroud placed before the stage, I could not help but admire a society wanting to provide a sensitive ethos to an art they were never even born with. The sublime lighting, and a well co-ordinated sound amplification, lent the evening an aura of musical magic permeating through the calm neighbourhood. The audience predominantly alien to the intricacies of the manodharma of carnatic music, sat in deep attention, silence and meditation, swaying from time to time their heads gently in appreciation of an art that is capable of transporting an individual to a state of complete chaitanya. Kudos to Klaas and his team for such a magnificient organising and wishes that raga mala nada yoga grows from strength to strength. 

Dr. Hari Subramanian 

The views expressed are my own and do not imply or relate to any other individual or organisation I represent 

__________________________


 Zaterdag 17 apri, 2010, Ronu Majumdar/Indranil Mallick bamboefluit/tabla

 

 

Het laatste concert van het seizoen in de Held  is weer prachtig geweest. 

Majumdar, een uitzonderlijk goede bamboefluitist en Indranil Mallick, tabla speler, waren door stichting Ragamala uitgenodigd. Op hun tour door Europa deden ze in Nederland Groningen, Soest, Amsterdam en Dalfsen aan. Door de aswolk leek dat nog voor problemen te zorgen, de reis vanuit Bazel duurde 18 uur. Een pauze van een uurtje en maaltijd moest ze weer fit krijgen voor een imponerend optreden. Nu imponerend is het geworden.

 

In een subtiel samenspel met Indranil, tabla, liet Ronu zien waarom hij een meesterlijk fluitist is. Op inspirerende wijze liet hij de luisteraar genieten van prachtige raga’s. Uit een assortiment van  fluiten nam  hij het publiek mee op zijn, akoestische,  tocht door de avond. Met verschillende raga’s liet hij ons genieten van het rustgevende, inspirerende en uiteindelijk sprankelende van deze prachtige muziek. Op deze wijze werd een positieve energie van de avond neergezet die met een prachtige raga ter ere van de maan werd afgesloten. Zowel publiek als artiesten konden met een speciaal gevoel naar huis gaan.

 

Mirjam.


 

 
StartpaginaStichting Ragamala-Nada-Yoga-Groningen, ontstaan, bestuursleden, vrijwilligersOver de stichting, netwerk, festivals, klassiek Indiase muziekConcertagenda Noord NederlandVrienden van RagamalaTheorie van de muziek en instrumentenEerdere concerten met foto's en infoLocatie/route, telefoonnummer, anmelding, huisregelse-mail, telefoon, namen